Hop-on Hop-off: meer over jouw ideale woonsituatie

Wat goed, je hebt het Hop-on Hop-off spel gespeeld (of je gaat het binnenkort spelen). Hopelijk heb je inzicht gekregen in hoe je je woning en buurt ervaart. Als het goed is, weet je nu nog beter wat je belangrijk vindt in je leven en wat je graag doet in je vrije tijd. Misschien heb je wel ontdekt dat je prima woont of dat je juist wat meer informatie wilt hebben over een bepaald onderwerp. We zetten alvast bij ieder thema uit het spel wat informatie op een rij. Veel leesplezier en inspiratie!

Dit is een groeidocument. Er komen dus steeds meer tips en adviezen bij, ook op basis van jouw ervaringen en die van andere spelers van het spel. Laat ons jouw eventuele vragen, ervaringen en tips weten! Stuur een mail naar Yvonne Witter.

1. Huis

Prettig wonen draagt bij aan zelfstandig thuis wonen. Soms past een woning niet meer bij een bepaalde levensfase of een woning is te groot geworden, te klein, te duur of te ver weg van werk, voorzieningen, naasten. Dat hoeft niet altijd een verhuizing te betekenen. 

1.1 Aanpassingen
Bij het klimmen der jaren kan het nodig zijn aanpassingen in jouw huis aan te brengen. Om het bijvoorbeeld veiliger te maken of comfortabeler. Als je een huurhuis hebt kan de corporatie of verhuurder adviseren. Bij een koophuis kun je voor tips en adviezen terecht bij Vereniging Eigen Huis. Maar ook een ouderenadviseur van een ouderenbond of welzijnsorganisatie en/of ergotherapeuten kunnen goed met je meedenken. Het is goed te weten dat de gemeente bepaalde aanpassingen eventueel vergoedt. Neem contact op met het Wmo loket van jouw gemeente of het sociale wijkteam voor meer informatie hierover. Een eenvoudige woontest om te onderzoeken welke aanpassingen bij jouw behoefte passen kan je vinden op zlimthuis.nl. Kijk ook eens op mijnhuisopmaat.nl of de IZI woning. Op de website langerthuisineigenhuis.com vind je oplossingen per woningtype, maar ook handige tips die het wonen aangenamer, makkelijker en veiliger maken.

Weet je al welke aanpassingen nodig zijn? De langer thuis in huis gids biedt informatie over hulpmiddelen, leveranciers, financieringen. Lees meer op langerthuisinhuis.nl. Meer informatie vind je ook op de volgende informatieve websites: t-huiz.nl, regelhulp.nl, seniorenportaal.nl en ikwoonleefzorg.nl.

1.2 Technologie en hulpmiddelen
Dankzij hulpmiddelen en technologische snufjes kun je jouw zelfredzaamheid vergroten en de dagelijkse dingen in huis vergemakkelijken. Zo blijft er meer energie over voor bijvoorbeeld sociale contacten en ontspanning. Er zijn diverse websites met informatie over technologische toepassingen. Eerst weten welke technologie bij jouw behoefte past? Doe dan de Technologie voor Thuis Verkenner. Lees meer op technologievoorthuis.nl, t-huiz.nl en hulpmiddelenwijzer.nl.

1.3 Woonvormen
Het verzorgingshuis, of ‘bejaardenhuis’, bestaat niet meer. Toch zijn er steeds meer woonvormen voor wonen op leeftijd, ontwikkeld door burgers zelf, corporaties, projectontwikkelaars, particuliere en sociale ondernemers en vastgoedbedrijven. Vraag bij je gemeente, welzijnsorganisatie, ouderenorganisatie of corporatie naar de woonvormen in jouw omgeving of check woonz.nl en neem eens een kijkje. Er zijn soms ook excursies of open dagen bij wooninitiatieven. Lees meer op zorgsaamwonen.nl en neem een Catalogus Woonvormen voor senioren eens door.

Het gemeenschappelijk wonen bestaat al lange tijd. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw waren er de wooncommunes en centraal wonen. Het is dus niet nieuw maar de belangstelling ervoor neemt toe. Bij deze woonvorm kiezen mensen er bewust voor om met elkaar in één huis samen te wonen, zonder dat er sprake is van een gezinsverband. Het kan met veel mensen, maar ook met een klein aantal. We zien in het land woongemeenschappen van 6 personen en van 250! De ouderen wonen in zelfstandige woonruimten, delen gemeenschappelijk ruimten en ondernemen bepaalde activiteiten samen. De laatste jaren neemt het aantal en de variatie enorm toe. Lees meer in de whitepaper 'Overzicht Woonvormen' van ZorgSaamWonen. 

Een variant van gemeenschappelijk wonen is het Thuishuis. Dat is een kleinschalige woonvoorziening voor alleenstaande ouderen die hun netwerk willen uitbreiden, met betrokkenheid van vrijwilligers. Meestal wonen 6 tot 8 bewoners samen. Ieder heeft een eigen appartement. De huiskamer is ruim en de keuken ook. Eigenlijk is het een soort studentenhuis maar dan voor ouderen. En de keuken is vaak een stuk netter.

Kangoeroewoningen bestaan uit aan elkaar gekoppelde, zelfstandige woningen of wooneenheden met een inpandige verbinding voor ouderen of mensen met beperkingen en hun familie. Dus een volwaardige woning met in de buidel een woning voor oude ouders of kinderen met beperkingen. Mantelzorger en zorgvrager kunnen op deze manier bij elkaar wonen. Een mantelzorgwoning lijkt wel op een kangoeroewoning, maar is verplaatsbaar en tijdelijk. Het is een wooneenheid die bij een bestaande woning (bijvoorbeeld in de achtertuin) kan worden geplaatst. Degene die hulp nodigt heeft woont zelfstandig, maar de mantelzorger is dichtbij.

Een levensloopbestendige woning, ook wel levensloopgeschikte woning genoemd, is een zelfstandige woning geschikt voor bewoning in alle levensfases. Er is gelet op veiligheid en toegankelijkheid. Dan is er nog het wonen in een modern hofje, dus wonen rond een beschutte binnenplaats. Je woont beschut, rondom een binnentuin en hebt daardoor makkelijk contact met elkaar. Je houdt een oogje in het zeil maar hebt wel privacy. Het Knarrenhof is het meest bekend. Voor het gemeenschappelijk wonen hoef je niet per se buren van elkaar te zijn. Zo bestaat er het gestippeld wonen. Leden van de woongroep wonen verspreid wonen over een complex, vaak een flatgebouw Er zijn woonzorgcomplexen door het hele land heen. Een woonzorgcomplex bestaat uit een gebouw met zelfstandige woningen, waar in het ontwerp aandacht is besteed aan veilig en beschut wonen. Er zijn vaak gemeenschappelijke ruimten en bewoners kunnen abonnementen nemen op allerlei diensten zoals alarmering, maaltijden en wasservice. Verder zie je in het land serviceflats. Een serviceflat is een appartementencomplex voor ouderen, vaak met koopappartementen maar soms zijn er ook huurwoningen. Bewoners kunnen gebruik maken van verschillende diensten, zoals een maaltijdservice, een logeerkamer, ontmoetingsruimte, klussendienst. Kleinschalig wonen is een woonvorm die veel gebruikt wordt voor mensen met dementie of mensen met een beperking. Een kleine groep mensen, zo’n 8 tot 12 bewoners die intensieve zorg en ondersteuning nodig hebben, woont met elkaar in een groepswoning. Het aantal woon- en zorgcoöperaties neemt ook toe. Dat houdt in dat een groep mensen een netwerk vormt en zelf woningen en/of zorg en diensten regelt. Leden van dit netwerk zijn eigenaar en runnen dit ‘bedrijf’. Meestal heeft de coöperatie een verenigingsvorm. Momenteel zijn er diverse experimenten gaande, zoals het splitsen van woningen waar bijvoorbeeld ouderen en jongeren samen kunnen wonen. De bovenverdieping is dan voor een starter of jongere en de oudere blijft in de benedenwoning wonen. Handig want de oudere hoeft de vertrouwde eengezinswoning niet uit. 
 

2. Buurt

Je hoort het vaker: ouderen willen niet verhuizen omdat ze gehecht zijn aan hun woning en hun vertrouwde buurt. Ze kennen er veel mensen, voelen zich er veilig en vertrouwd. Het is ook belangrijk om je prettig te voelen in de buurt.

Soms zien mensen de buurt veranderen. Bekenden trekken weg of voorzieningen verdwijnen. Soms blijft een buurt fijn. Er zijn bijvoorbeeld voldoende voorzieningen, maar ook mensen die je kent en die jou een handje kunnen helpen en andersom. Er kunnen altijd projecten en voorzieningen zijn die je nog niet kent. In de lokale krant is vaak een overzicht te vinden van activiteiten. Zoals bijvoorbeeld een buurtrestaurant of buurtapp. In iedere buurt is wel een buurtkamer of huiskamer van de wijk te vinden met activiteiten. Best leuk om eens binnen te lopen en te kijken wat er zoal gebeurt. Vaak meer dan je denkt. 

2.1 Samenredzaamheid
Mijn buurtje is een sociale onderneming die betrokken buurten wil creëren door lokale bewoners en organisaties met elkaar in contact te brengen via een online platform. Buurtverbinders spelen een cruciale rol in het bevorderen van contacten en buurtbetrokkenheid. Lees meer op mijnbuurtje.nl

2.2 (Openbaar) vervoer 
Om mee te blijven doen in de samenleving is vervoer belangrijk. Er zijn diverse mogelijkheden. Van de benenwagen tot een taxi, van openvaar vervoer tot een scootmobiel. Vraag advies bij een ouderenadviseur en check bij de gemeente voor mogelijkheden zoals een buurtbus of regiotaxi en informatie over pasjes en vergoedingen. Lees meer op beteroud.nl.

2.3 Toegankelijkheid 
Het is belangrijk dat voorzieningen en wegen toegankelijk zijn. Zo min mogelijk drempels, geen obstakels in de weg, voldoende bankjes, toiletten. Dat lukt nog lang niet overal. Wmo-raden en cliëntenorganisaties doen op lokaal niveau hun best om toegankelijkheid te bevorderen. Lees meer op nederlands-instituut-voor-toegankelijkheid.nl, weekvandetoegankelijkheid.nl en iederin.nl

 

3. Vrije tijd

‘Ik heb het drukker dan toen ik werkte’, hoor je nog wel eens van een gepensioneerde. Nu verrichten senioren relatief veel vrijwilligerswerk en zijn ze ook regelmatig mantelzorgers. Veel mensen hechten aan een zinvolle daginvulling. Ertoe doen, van betekenis zijn, gezien en gehoord worden. Je hoort het vaak en dat is ook goed, want mensen die een zinvolle invulling geven aan hun dag zijn gelukkiger. Dat draagt bij aan hun welbevinden en gezondheid.

Wat iemand zinvol vindt verschilt per persoon. Het gaat er vooral om dat je doet wat je leuk vindt, waar je blij van wordt en waar je graag je bed voor uit komt. Sommige mensen hebben bij het ouder worden meer tijd voor een hobby of pakken een nieuwe hobby op. Dat laatste is ook goed voor het brein: nieuwe dingen leren houdt het brein actief en gezond. 
Veel mensen vinden het leuk om hun kennis en talenten te blijven gebruiken. Er is altijd behoefte aan vrijwilligers. En als je je niet wilt vastleggen zijn er ook tijdelijke projecten of werk dat je op jouw eigen moment kan doen. De vrijwilligerscentrale biedt een overzicht aan mogelijkheden. 
Je bent nooit te oud om te leren. Dat klopt echt. Er zijn in veel grote steden hogescholen voor ouderen, de HOVO’s. Maar denk ook aan De Vrije Academie. Bij buurthuizen of bibliotheken worden ook diverse cursussen gegeven, voor schappelijke prijzen. Misschien wilde je altijd al eens een muziekinstrument leren spelen of Italiaans leren. Gewoon doen! 

4. Persoonlijk leven

Ken je de term positieve gezondheid al? Nee? Nou, positieve gezondheid is een benadering binnen de gezondheidszorg die niet de ziekte, maar een betekenisvol leven van mensen centraal stelt. Het gaat om zes dimensies.: je lichaamsfuncties, je mentale welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en dagelijks functioneren. Met de benadering van Positieve Gezondheid kijk je naar wat je wel kan en niet wat niet meer lukt. Machteld Huber, arts en onderzoeker, stelde een vragenlijst op. Als je die invult krijg je inzicht in wat voor jou belangrijk is. Het geeft je een handvat om beter om te gaan met jouw situatie. Lees meer op mijnpositievegezondheid.nl.

4.1  Zorg en Mantelzorg
Het is al eerder gezegd: veel senioren zijn mantelzorgers voor hun partner, oudere ouders, broers of zussen, vrienden, buren of soms voor de kinderen. Dat kan mooi zijn, en waardevol, maar tegelijkertijd ook zwaar. Vaak weten mensen niet eens dat zij mantelzorgers zijn. Gelukkig is er de afgelopen jaren meer oog voor de mantelzorgers. Ook door professionals. Er zijn mogelijkheden voor ondersteuning. In sommige plaatsen zijn mantelzorgsteunpunten met mantelzorgconsulenten, mantelzorgmakelaars en vrijwilligers die helpen. Wacht niet te lang bij het inschakelen van ondersteuning. Zorg je voor een ander? Zorg dan goed voor jezelf! Lees meer op mantelzorg.nl, samenbeterthuis.nl of saaraanhuis.nl.
 

4.2 Financiën
Het hebben van geldzorgen kan een slechte invloed hebben op je mentale en fysieke welbevinden. Bij een welzijnsorganisatie, de gemeente of ouderenorganisaties kun je advies vragen. Soms heb je meer recht op toeslagen dan je denkt. Heb je geen geldzorgen, maar wil je meer weten over de financiën? Vraag hulp bij een ouderenadviseur van een ouderenbond of welzijnsorganisatie. Zij weten vaak de weg en kunnen ook doorverwijzen. Ook bieden zij inzicht in wat je allemaal kunt regelen.

4.3 Gezondheid
Je kent het riedeltje wel: voldoende bewegen, gezond eten en voorzichtig zijn. Soms kun je het niet meer horen. Gezond eten is belangrijk, maar het wil niet zeggen dat het voorgoed afgelopen is met chips of een glas wijn. Maar met goed, gezond en lekker eten kun je jouw gezondheid op peil houden. Een gezonde leefstijl helpt enorm om prettig oud te worden. Lees meer op voedingscentrum.nl.

Wist je dat veel ledenverenigingen (de kruisverenigingen van vroeger) een gezondheidscheck aanbieden en advies om niet alleen jouw gezondheid te verbeteren, maar ook bijvoorbeeld om meer te bewegen? Bijvoorbeeld Kruiswerk Achterhoek en Liemers. Lees meer op kruiswerk.nl. Grote kans dat er ook in jouw omgeving een ledenvereniging actief is. 

Voldoende bewegen houdt niet in dat je iedere dag naar de sportschool moet. Kijk vooral bij wat bij jou past. Dan hou je het langer vol. Het voedingscentrum geeft goede richtlijnen, adviezen en recepten. En wat betreft bewegen moet je niet vergeten dat stofzuigen, tuinieren en naar de winkel lopen ook meetelt. Lees meer op kenniscentrumsportenbewegen.nl en beteroud.nl.

4.4 Veiligheid
Voorkomen is beter dan genezen. Hoewel niet alles te voorkomen is, kun je wel de risico’s inperken. Zo vallen ouderen nog wel eens met hele vervelende gevolgen. Of wat dacht je van oplichting? Dat gebeurt jong en oud, maar ouderen lopen meer risico’s. Je kunt wat maatregelen nemen. Lees meer op maakhetzeniettemakkelijk.nlpolitie.nl en zorgvoorbeter.nl

4.5 Sociaal netwerk
Met het ouder worden krimpt vaak het netwerk. Daarom is het goed om te investeren in je ‘konvooi’, zoals professor De Jong-Gierveld altijd zegt. Zorg dat je ook jongere mensen om je heen hebt en dat je je oude vrienden niet verwaarloost. Je kunt ook altijd nieuwe vrienden maken. Dat stopt niet bij het ouder worden. De ene mens heeft meer behoefte aan gezelschap dan de ander. Het gaat vaak ook om de kwaliteit van vriendschappen. Lees meer op eenzaam.nl. Er zijn allerlei vriendschapscursussen die je kunnen helpen om je netwerk uit te breiden: Goudendagen en Beteroud.

Samen eten is vaak plezierig. In woonzorgcentra zijn buurtbewoners meestal welkom voor de maaltijd. En anders zijn er wellicht buurtprojecten of andere leuke initiatieven om samen te eten. Resto VanHarte brengt mensen met elkaar in verbinding om eenzaamheid tegen te gaan. Zij organiseren en stimuleren betekenisvolle ontmoetingen tussen buurtbewoners in hun buurtrestaurants. 

Op verschillende plekken in ons land zie je voorzorgcirkels ontstaan voor jong en oud. Een voorzorgcirkel bestaat uit een groep mensen, die bij elkaar op loopafstand wonen, dus in een buurt of straat. En deze groep mensen is bereid om, als dat nodig is, elkaar te helpen met hand- en spandiensten. Je kunt ook zelf zo’n groep starten met hulp van een zorg-of welzijnsorganisatie.
GRIP&GLANS-cursussen zijn gericht op de versterking van zelfmanagementvaardigheid (grip) en welbevinden (glans). 

Met bijzondere concepten en interventies test Club Goud verschillende manieren om ouderen betrokken te houden bij de maatschappij. Hun concepten variëren van een huiskamerfestival in een seniorenflat tot een maatjesprogramma waarbij 120 jongeren 10 weken lang een oudere bezoeken. Zij werken daarvoor altijd met vrijwilligers en het liefst ook met een verrassende partner zoals een poppodium of lokaal restaurant.

Gouderdom verbindt senioren op een creatieve en positieve manier.