“Jullie voorkomen of bieden een Volledig Pakket Thuis (VPT) met de middelen voor een Modulair Pakket Thuis”, erkent het zorgkantoor. De gemeente Oss vertrouwt Joris van Hest, manager bedrijfsvoering bij Interzorg, vooralsnog ‘op zijn blauwe ogen’ en levert een lumpsumbedrag vanuit de Wmo-gelden in de overtuiging dat iedere euro voor Zorgbuurthuis ´t Hageltje volgens de geest van de wet meer dan goed wordt besteed. Maar voor hoelang? En als dat lumpsumbedrag wegvalt, hoe vertaal je dan een liefdevolle leefwereld in te declareren uren voor de Zvw, Wlz en Wmo? ZorgSaamWonen ging met woon-, welzijns- en zorgexperts op bezoek bij het Zorgbuurthuis in Oss.
Zorgbuurthuis t Hageltje: indicatieloos woongeluk inpassen in systeemwereld
Een stukje geschiedenis. In 1983 werd de voormalige jongensschool Sint Albertus op de Hagelkruisstraat in Oss in gebruik genomen als buurthuis ’t Hageltje. Een plek in een naoorlogse volkswijk met veel reuring en solidariteit. Het gebouw zou een keer gesloopt moeten worden om plaats te maken voor woningbouw.
De lokale afdeling van SP wist met Marie-Therése Janssen, nu voorzitter van Stichting Zorgbuurthuis ’t Hageltje en conceptbewaker, gehoor te geven aan de wens van vele buurtbewoners om er een nieuwe, duurzame bestemming voor de buurt aan te geven. Vastgoedbedrijf Patrimonium, een lokale partner met een groot maatschappelijk hart, transformeerde het buurthuisgebouw tot woonplek met 15 appartementen voor 60-plussers, een zorgpunt én een ontmoetingsruimte voor dagbesteding voor huurders en bewoners uit de wijk. Zorgorganisatie Interzorg huurt van Stichting Zorgbuurthuis ‘t Hageltje een van de appartementen en de huiskamer ten behoeve van de zorgverlening en met name, preventie van zorg.
Van betekenis willen zijn
De overige appartementen worden door Stichting Zorgbuurthuis ’t Hageltje verhuurd aan bewoners. De Stichting hanteert een wachtlijst voor het vinden van passende nieuwe huurders en vraagt potentiële bewoners om hun interesse in ’t Hageltje te motiveren in een brief. Het gaat hier niet alleen om het wonen, maar ook om van betekenis te willen zijn in de community.
“We streven naar een gezonde mix”, zegt Marie-Therèse, “bewoners zonder zorgvraag of met een lichte zorgvraag die actief willen én kunnen zijn in de community en bewoners met een zwaardere zorgvraag. Met de instroom kun je op dat moment sturen op de beste passende huurder voor de community.”
Zo werd Buurthuis ´t Hageltje een Zorgbuurthuis; een plek waar je oud kunt worden in je eigen vertrouwde buurt, waar je samen kunt wonen met je partner en waar je de zorg krijgt die je nodig hebt. Kleinschalig, betaalbaar en met dagbesteding gerealiseerd samen met buurtbewoners.
Gratis koffie en koekje
Een appartement in het Zorgbuurthuis is niet groot. Daar staat tegenover dat er een royale gemeenschappelijke ruimte is. Hier kunnen bewoners en mensen uit de buurt terecht voor een gratis kopje koffie met koekje en ‘indicatie-loze dagbesteding’. Dat staat voor je dag invullen met activiteiten of een praatje zonder dat je er stempeltjes of doorverwijzingen van een dokter of de gemeente voor nodig hebt. Er kan ook samen worden gegeten. Maaltijden komen uit de professionele keuken van het nabijgelegen Verdihuis, onderdeel van de community rondom het Zorgbuurthuis. Behalve op maandag want dat is de vaste kookdag van een buurtbewoner.
Zappen
Manager bedrijfsvoering, Joris van Hest, ontvangt de ZorgSaamWonen-professionals in de huiskamer, samen met Marie-Therése Janssen en Odet Vermeijlen, directeur-bestuurder van Interzorg-thuiszorg. Joris legt de visie en het concept uit, onder meer aan de hand van een reactie van een van de eerste bewoners. “Deze man zei: ‘Voorheen zag ik op een dag alleen iemand van de thuiszorg in de ochtend en de avond en gebruikte ik alleen mijn duim om te zappen. Nu heb ik aanspraak en loop ik een rondje met de fysiotherapeut’.”
Zorg én welzijn
Interzorg heeft voor het Zorgbuurthuis integrale zorgondersteuners opgeleid. Deze professionals zijn tijdens kantooruren in ’t Hageltje aanwezig voor alle zorg én welzijn, waar nodig aangevuld met een wijkverpleegkundige en communitymanager van Interzorg. De zorgorganisatie zet bewust in op vaste gezichten in huis, die de bewoners en hun mantelzorgers écht kennen en die de zelfredzaamheid van bewoners bewaken door te bouwen aan samenredzaamheid. Men ziet dat het welzijn van de mensen toeneemt. Een ‘verborgen’, maar gegarandeerd succes is de gratis koffie en het koekje, benadrukt Joris. “Het maakt het bezoek aan de huiskamer laagdrempelig.”
Nog een typisch voorbeeld van dit zorgconcept, gebaseerd op maximale zelfredzaamheid en uitstel van zorg, is de hulp bij het douchen die de wijkzorg ook kan leveren in het zorgappartement. “Bewoners maken dan toch weer even een loopje’, zegt Joris. Het is de kracht van deze community van bewoners, zorgverleners, familieleden en vrijwilligers die maatschappelijke besparingen oplevert, stelt hij. “Met de Kerst kwamen de kinderen van bewoners niet even op bezoek, maar bleven de hele dag. Wij zien dat als mantelzorg voor de mantelzorgers.”
Preventie en maatschappelijke besparingen, maar geen geld
De bekostiging van het Zorgbuurthuis is kwetsbaar. De gemeente Oss en Interzorg hebben tot en met eind 2026 afgesproken dat de exploitatiekosten van de volledige zorginzet worden gesubsidieerd en dat Interzorg eerlijk de kosten die uit Zvw en Wlz worden vergoed in mindering brengt op de subsidie-exploitatie.
Dit werkt goed, maar wel omdat de gemeente Oss bereid is tot deze subsidie en er een fundament ligt van een bestaande vertrouwensrelatie. Bekostiging vanuit alle zorgfinanciers is de grote droom voor het Zorgbuurthuis.
“Wij hebben een businesscase”, zegt Joris overtuigd, maar met één zorg: “Wat jullie doen, past niet in excel-sheets van de systeemwereld”, kreeg hij te horen. Joris noemt als voorbeeld de wandelingen die de zorgverleners maken met bewoners als ze de indruk hebben dat iemand ergens mee zit.
Niet cliëntgebonden werkzaamheden’
“Wij blijven strijden”, zegt Joris. Hij doelt daarmee op structurele vergoeding voor de ‘niet cliëntgebonden werkzaamheden’ voor preventie en het bevorderen van de cultuur van zelf- en samenredzaamheid. “De maatschappelijke besparingen overstijgen de kosten van deze niet vergoedbare inzet - wijkverpleging 9 uur per week, opbouwwerk 12 uur per week en zorgondersteuning 17 uur per week -, maar zijn niet in het huidige zorgsysteem te declareren.”

Reactie toevoegen