De overheid wil graag dat mensen in Nederland meer naar elkaar omkijken. Dit wordt een 'zorgzame samenleving' genoemd. De Raad van Ouderen (RvO) vindt het goed dat mensen elkaar helpen. Maar de Raad ziet ook gevaren. Voor sommige ouderen is meedoen aan de samenleving moeilijk. Het hulp en steun geven kan te veel worden en sommige kwetsbare ouderen krijgen niet de hulp die zij nodig hebben. Daarom heeft de Raad van Ouderen onderzocht wat ouderen wel en niet voor elkaar kunnen doen. Ongeveer 900 ouderen hebben een vragenlijst ingevuld. Ook zijn er veel gesprekken gevoerd met ouderen en met verschillende deskundigen.
Nieuw Advies Raad van Ouderen over Grenzen aan de zorgzame samenleving
Cover rapport 'Grenzen aan zorgzame samenleving: waar het helpen ophoudt en de zorg begint | Raad van Ouderen
Wat willen en kunnen ouderen voor elkaar doen?
Ouderen zijn heel duidelijk over hun grenzen: zij willen en kunnen geen lichamelijke of medische zorg geven aan hun buurtgenoten. Bijvoorbeeld hulp bij het douchen of het geven van medicijnen. Ouderen vinden dit echt werk voor professionele zorgverleners.
Wat ouderen wel graag voor elkaar willen doen, zijn de kleine dagelijkse dingen:
- Boodschappen doen voor een ander.
- Vervoer regelen, zoals rijden naar de dokter of het ziekenhuis.
- Samen een wandeling maken, lezen of een maaltijd koken.
Ouderen willen deze hulp vooral geven of krijgen als ze de ander al goed kennen en vertrouwen. ‘Wederkerigheid' is belangrijk: het is fijn als je hulp krijgt, maar je wil ook iets terug kunnen doen. Voor familieleden en goede vrienden willen ouderen vaak iets meer doen dan voor buurtgenoten. Ouderen maken zich zorgen over hulp die te zwaar wordt of te lang doorgaat. Ouderen worden zelf ook ouder. Dan hebben ze de energie niet meer om anderen te helpen.
Vraagverlegenheid
Veel ouderen vinden het heel moeilijk om hulp te vragen. Veel ouderen willen graag zelfstandig blijven en stellen het vragen van hulp zo lang mogelijk uit. Ze ploeteren liever door. Als het echt niet anders kan, vragen ouderen het liefst hulp aan hun eigen partner of kinderen. Pas in uiterste nood vragen ze hulp aan de buurt. Veel ouderen doen dat liever helemaal niet. Meer dan de helft van de ouderen heeft nog geen afspraken gemaakt met buurtgenoten over het helpen van elkaar. Een kleine groep ouderen is eenzaam, kent niemand in de buurt en durft daardoor geen hulp te vragen.
Wat is er nodig volgens ouderen?
Om elkaar goed te kunnen helpen, zijn er ontmoetingsplekken nodig in de wijk, zoals een buurthuis of een bankje in het park. Hier kunnen mensen elkaar leren kennen en vertrouwen opbouwen. Daarnaast willen ouderen graag dat er een buurtwerker of dorpsondersteuner is. Die kan helpen om de burenhulp te organiseren. En vervanging regelen als een helper vakantie heeft of als het zorgen voor iemand te veel wordt.
De belangrijkste aanbevelingen van de Raad van Ouderen
De RvO geeft adviezen aan de minister:
-
Zorg voor professionele hulp in de buurt: Zet buurtwerkers of dorpsondersteuners in om mensen met elkaar te verbinden en hulp te organiseren.
-
Maak het aanvragen van zorg makkelijker: Richt één duidelijk loket in waar ouderen terecht kunnen met al hun vragen over zorg en ondersteuning.
-
Zorg voor betere samenwerking: Zorg dat welzijnsorganisaties en thuiszorg beter samenwerken, zodat er niet tientallen verschillende organisaties in één flat komen.
-
Praat met ouderen over de toekomst: Begin een maatschappelijke discussie over hoe de zorg eruit moet zien en laat ouderen vanaf het begin meepraten.
-
Zorg dat gemeente zich aan de afspraken van het AZWA houden: Help de gemeenten om zich houden aan de afspraken uit het Aanvullend Zorg en Welzijns Akkoord (AZWA). Gemeenten moeten geld en duidelijke regels krijgen om de plannen uit te voeren. Het is belangrijk dat er plekken komen waar mensen elkaar kunnen ontmoeten.
-
Bouw geschikte woningen: Bouw meer woningen voor ouderen en gezamenlijke woonvormen (zoals knarrenhofjes) met ruimte om elkaar te ontmoeten.
-
Zorg goed voor het zorgpersoneel: Maak de zorgopleidingen en het werk aantrekkelijker, zodat er genoeg mensen in de zorg willen werken.
-
Pas de wetten en regels aan: Maak de verschillende zorgwetten (zoals de Wmo en de Wlz) makkelijker.
Conclusie
De zorgzame samenleving is goed voor kleine, dagelijkse hulpvragen tussen buurtgenoten. Maar burenhulp kan professionele zorg niet vervangen. Voor zwaardere lichamelijke en medische zorg blijven professionele zorgverleners onmisbaar. Lees het rapport 'Grenzen aan zorgzame samenleving: waar het helpen ophoudt en de zorg begint - Advies van de Raad van Ouderen | juni 2026'
Lees ook: Zorgzame gemeenschappen: successen, aandacht en zorg | ZorgSaamWonen

Reactie toevoegen